‘s-Avonds tien voor zeven

Het zat er weer op voor vandaag. Zij kwam thuis, plofte haar tas -leeg maar een tas staat zo echt in de tram- op de bank. Haar vriend was er nog niet, dus kon zij nog snel even surfen voor hij thuis kwam. Het was al redelijk laat, bijna zeven uur, dus eigenlijk zou ze moeten koken, maar dit vond zij toch belangrijker.
Bij haar therapeut kwam zij langzaam tot de ontdekking dat alles eigenlijk de schuld van haar ouders was. Zij kon er echt niets aan doen.

Lees meer →

Geld

“Zeg”, begon hij, “wat gaan wij nou doen?”
“He? Wat, waar heb je het over Moppie?”
“Je weet wel”, antwoordde hij met enigszins twinkelende ogen.
Ze zuchtte, het was zeker weer zo ver. Niet alleen had ze geen zin, maar ze werd er zo moe van. Soms leek het alsof hun relatie alleen maar draaide over dit. Wat zou ze nu weer zeggen om hem op een afstand te houden?
Hij zuchtte, een kleine glimlach speelde om zijn mond. Ergens kon ze hem niet afwijzen in zijn vragen. Niet alleen was de woning te klein voor een ruzie, maar het gaf het risico dat hij zou vertrekken. En tegen de leegte van het alleen zijn zag ze vreselijk op. Natuurlijk, ze hadden geldgebrek, maar om nou de spullen van haar grootmoeder te verkopen ging wel wat ver.
“Ik kan er een goede prijs voor krijgen”, drong hij aan. “We hebben het nodig schat”.
“Jees moppie, ik kan maandag de soos wel om extra geld vragen hoor”. Ze zuchtte, het ging niet alleen om geld, maar ook om de ruimte en om macht. Met de spullen van haar oma had ze het gevoel nog macht over haar moeder te hebben, dat gevoel wou ze niet kwijt. Bovendien was ze eigenlijk een beetje bang. Bang voor wat haar stiefvader zou doen als hij ontdekte dat ze de spullen had verkocht.
Ze wist niet eens meer zeker of hij nou gevaarlijk was in haar verhalen of dat hij echt gevaarlijk was. Ze was op het punt aangekomen dat zij niet meer het verschil kon zien tussen haar fantasie en de werkelijkheid.
Wat had haar vader haar ook al weer gezegd? ‘Het maakt niet uit, zolang de wereld maar in jouw fantasie gelooft’. Zo had hij het ook altijd klaargespeeld. Haar moppie was echter uit ander hout gesneden. Doen wat voor jou het beste is, niet uit angst dingen doen of laten. Hij had makkelijk praten. Hij had haar stiefvader niet echt meegemaakt. Wat begreep hij er nou van?
“Natuurlijk meissie, en ik kan maandag mijn baas om een grote loonsverhoging vragen. We hebben het geld nodig lieverd”. Als hij maar niet zo zou zeuren. “Ik kan je natuurlijk ook hier om de hoek uithuren”.
Daar dreigde hij ook steeds mee. Niet dat ze zo een oplossing zag zitten, maar ja haar zus had het ook gedaan. Bovendien, een ongelukje zou dan wel gunstig voor haar uitpakken. Laat ik hem eens terug pesten.
“Nou..” begon ze.

Zwanger

Het was koud in de eenkamerwoning. Geen betaalde baan hebben leek leuk, maar de muren kwamen nu heel langzaam op haar af. Alles was danig in de war gestuurd door haar moeder. Niet alleen dreigde zij het zo zorgvuldig verzamelde kapitaaltje van haar oma kwijt te raken, maar ook haar mooie appartement was zij kwijt. Inclusief de dure vloer.
Geen geld betekende ook dat haar zo verlangde zwangerschap natuurlijk op de lange baan geschoven zou worden. En de klok tikte maar door. Als zij nog plezier aan een kind wou beleven, moest het er toch zo langzamerhand maar van komen. Bovendien, al haar vriendinnen en nichtjes hadden al een, of erger, meerdere kinderen. Zij dreigde aardig de boot te missen, zij kon alleen maar kirren over hoe mooi zij al die kleintjes vond.
Hoewel zij er vreselijk tegen op zag, probeerde zij toch bijna dagelijks om zwanger te raken. Bovendien waren die dagelijkse pogingen de enige reden waarom haar moppie bij haar bleef. Zolang zij niet een baby had, die natuurlijk onvoorwaardelijk van haar zou houden, was er niemand anders die ook maar de pretentie ophield om van haar te houden. Ja, als plichtpleging, familie en zo. Maar oprecht van haar houden, dat kon toch niemand. Daar was zij toch niet voor in de wieg gelegd. Of eigenlijk, daar was zij wel voor in de wieg gelegd, maar niemand begreep dat en dus hield niemand van haar.
Was zij maar zwanger, dan werd alles weer goed. Iedereen die zij kende werd toch gelukkig als zij zwanger waren. Alles zou dan ook goed komen. De meiden in haar virtuele werkelijkheid leken haar wel te begrijpen, maar toch ook weer niet. Ze kon toch niet zeggen dat zij haar mooie woning had ingeruild voor drie hoog achter. Waarom snapten zij dan niet dat het niet aan haar vriend lag. Ook wel een beetje, maar ja wijsheid was toch om te wachten tot ze weer een grotere woning zou krijgen, en dat zat er voorlopig niet in. Wat moest ze nou, ze werd er hopeloos van. Het was een vicieuze cirkel, en niemand die haar kon of wou helpen.

Oma

Natuurlijk had het overlijden van haar grootmoeder haar in de war gebracht. Er was niemand die dat zou -kunnen- ontkennen. Wat het zo triest maakte, is dat zij zwolg in de aandacht die verdriet nu eenmaal met zich meebrengt. Het was voor haar niet te overzien dat die aandacht zou leiden tot zo een vergroot ego, dat zij de kinderen van haar grootmoeder niet meer in haar wereldbeeld vond passen.

Lees meer →