Fotofobie

Lang geleden, nou ja 16 jaar, werd ik het slachtoffer van een vrij ingrijpend misdrijf. Wat er precies gebeurd is weet ik (nog steeds) niet, wat de gevolgen zijn weet ik maar al te goed.

Aan de mishandeling heb ik drie, blijvende, zaken overgehouden. Geheugen verlies, al sloeg jij mij dood (sic), wat er gebeurd is is volkomen onduidelijk voor mij. Afasie, hoewel behoorlijk onder controle is het regelmatig dat ik het juiste woord niet uit kan spreken. En fotofobie, een reactie op zonlicht die regelmatig voor, helse, hoofdpijnen zorgt.

Het geheugenverlies is irritant, maar er valt goed mee te leven. Ik mis ongeveer anderhalve dag en daar baal ik van. Van de andere kant, gelet op het letsel dat ik opliep, is het een klein wonder dat het bij die anderhalve dag blijft.

De afasie is ernstiger, al heb ik geleerd er mee om te gaan. Het is letterlijk dat ik het juiste woord zie/hoor, maar het niet uit kan spreken. in het begin was het dat mijn hele spraak centrum op slot ging, met veel oefenen is het nu zo dat ik wel kan blijven praten en het woord in kwestie kan omschrijven. Vreemd is ook dat het in mijn tweede taal, Engels, niet optreedt.

De meest nare klacht is fotofobie. Dat houdt in dat ik niet tegen (direct) zonlicht kan. In het Nederlandse klimaat is het nog een stapje erger, want zonneschijn valt slecht te voorspellen. Een beetje zon is niet te voorspellen, net zo min als wat regen. Regelmatig loop ik door de regen, met een zonnebril op. De fotofobie heeft onverwacht nare kanten. Op een terras zitten, niet dat ik dat vaak doe, is per definite niet goed. Maar in de nacht het licht aandoen, vraagt een hele tijd oefenen. Ogen dicht, in kussen, licht aan, langzaam, nog steeds ogen dicht, opstaan. Pas als ik goed gewend ben aan het licht met dichte ogen -een bijzondere gave- voorzichtig ogen open doen in de volgorde links rechts.

Inmiddels ben ik goed gewend, mag ook wel na 16 jaar, maar zeker in de zomer zou het handig zijn als het anders was.

Geef een reactie