Brief aan Diederik Samsom

Beste Diederik,

Toen ik vorig jaar, op 12 september, met het rode potlood -veilig, vertrouwd en betrouwbaar- het vakje bij Jetta Klijnsma rood maakte, stemde ik voor het eerst in mijn leven PvdA. De partij leek geleid te worden door de ware erfgenamen van Schaeffer en Den Uyl. Jij als de intellectuele socialist, begaan met de mensen in het land, vooral zij die het moeilijk alleen kunnen redden. Hans Spekman als de gedreven, no nonsense straatvechtende socialist, die de zwakkeren in samenleving wil behoeden voor slechte tijden.

Samen brachten jullie een visie die, weliswaar niet nieuw, wel bevrijdend werkte. Een overheid en een politiek voor de burger, en niet andersom. Een overheid waar kwaliteit van leven belangrijk is, waar de gesel van de begroting op het tweede plan werd gezet. Kortom een maakbare overheid, wellicht zelfs maakbare samenleving, waar de gedachte ‘de kost gaat voor de baat uit’, belangrijk is.Een betrouwbare overheid ook, die doet waar zij ooit voor opgericht is; opkomen voor het welbevinden en de veiligheid van de burgers.

Toen er in recordtijd een kabinet van PvdA een VVD geformeerd werd, had dat een teken aan de wand dienen te zijn. De afstand tussen de VVD en PvdA was sinds Wiegel niet meer zo groot geweest. Al gauw werd duidelijk dat de gesel van de begroting de leidraad van de politiek zou blijven, in het bijzonder een arbitraire grens van 3% voor het begrotingstekort, en een terugtredende centrale overheid. Het was bijna aandoenlijk om te zien hoe Hans en jij de meest aparte bokkensprongen moesten maken om de partij dit, rechtse VVD, beleid door de strot te duwen.

Geen grote hervormingen, geen visie, mensen verantwoordelijk verklaren voor hun werkeloosheid. Er immers crisis, met een krimpende economie, dus zijn er vacatures te over Een ieder die een uitkering krijgt moet als de donder zorgen dat een betaalde baan gevonden wordt. De lasten over veel, veelal zwakke, schouders verdelen en daarmee de sterke schouders ontzien. Maatregelen verdedigen die ieder afzonderlijk mogelijk verdedigbaar zijn, maar tezamen grote groepen in de samenleving ernstig treffen. Van het elan, de strijdvaardigheid en de overtuiging van voor 12 september 2012, leek niets meer over.

Iedere keer dat het leek alsof jij niet verder weg van het sociaal-democratische gedachtengoed kon geraken, vond jij iets wat jouw weer verder daarvandaan schuift. Ingrepen in de zorg, cultuur, welzijn en sociale voorzieningen die er niet om liegen worden door jou met verve verdedigd. Ingrepen zonder visie, zonder te onderzoeken waar de hoge kosten vandaan komen, zuiver gericht op het verminderen van de inkomsten uitgaven van de overheid. En het vermeerderen van de inkomsten van de overheid. Ingrepen in voorzieningen op basis waarvan burgers langlopende verplichtingen zijn aangegaan, op voorzieningen op basis waarvan ondernemers langlopende verplichtingen zijn aangegaan. Met name de kleine ondernemers, een exponentieel groeiende groep burgers die eufemistisch ZZP’ers wordt genoemd. ZZI’ers zou zo langzamerhand een treffender titel zijn. Kortom een overheid die onbetrouwbaar, onvoorspelbaar en visieloos is.

Maar nu heb jij, volgens mij, echt het punt bereikt waarop jij niet verder weg van het sociaal-democratische gedachten goed kan geraken. Jij roept de burger op om geld uit te geven. Dat zal de economie aan doen trekken. Aan die redenering valt niet te tornen, wel aan de oproep.

In tijden van economische onzekerheid, waar de overheid onbetrouwbaar blijkt, onvoorspelbaar is, waar de politiek geen oog voor de burgers, alleen voor de beurs lijkt te hebben, in die tijden gaat de burger op het weinige spaargeld wat zij kan uitgeven, zitten. En blijft daar stevig op zitten. Als jij serieus wil dat de burger meer geld gaat uitgeven, creëer dan de omstandigheden die dat mogelijk maken. Dat wil zeggen, geef nu helderheid over boven de markt hangende zaken als ontslagrecht, hypotheekrenteaftrek, werkeloosheid uitkeringen, woonbeleid, onderwijs en zorg. Wees dapper, laat overbodige maatregelen -hervorming ontslagrecht- achterwege, durf te zeggen dat de burger rust vanuit de politiek nodig heeft, dat de kleine ondernemers zekerheid vanuit de politiek nodig hebben. Durf het risico van een te lege beurs te nemen, durf als overheid en politiek te investeren in de toekomst. Laat je niet leiden door onjuiste redeneringen over het doorschuiven van schulden naar volgende generaties; die generaties hebben juist baat bij een gezonde economie. En dat gebeurt niet zolang de politiek zich bijna exclusief richt op haar huishoudboekje.

Neem een voorbeeld aan Den Uyl. Hij zag zich in 1973 gesteld voor een dreigende grote economische crisis, met alle negatieve gevolgen voor de overheidsfinanciën van dien. Hij nam de sprong in het diepe, en ondanks dreigende doembeelden van een failliet Nederland, en de bijnaam ‘Sinterklaas’, wist hij wel binnen drie jaar tijd een groot tekort naar een overschot op de rijksbegroting om te toveren.

Dat is wat Nederland nodig heeft Diederik, een leider die de durf heeft om het geld het geld te laten, en de burgers leidt. Niet een politiek leider die zinloze oproepen doet, en impliceert dat de burger de oorzaak van de ellende is. Wees de moedige leider Diederik, niet voor mij, maar voor Nederland,

 

Groetjes,

Jasper

Geef een reactie