In Memoriam: De Grondwet 1814-2007

Het is met groot leedwezen dat ik u, lezer, het overlijden van de Grondwet van Het Koninkrijk Der Nederlanden, moet meedelen.

De Grondwet was een rechtig document, waarin de verworven rechten, plichten en mores van de gehele bevolking van Het Koninkrijk Der Nederlanden was vastgelegd.

Was de Grondwet in eerste aanleg voornamelijk bedoeld om de verhouding tussen het staatshoofd, de Koning, en zijn belastingbetalers, de gegoede burgerij, in ieder geval de mannelijke helft daarvan, en haar vertegenwoordigers te regelen. Zij moest Het Koninkrijk beschermen tegen majestueuze willekeur. In haar jonge jaren, zelfs eigenlijk tot op de leeftijd van meer dan honderd jaren, heeft de Grondwet de nodige groeistuipen gehad. Wij brengen in herinnering de anomalie van de vrijheid van onderwijs, een sterk stukje staatkunde van de heer Groen van Prinsterer, of na lange suffragette het invoeren van het algemeen kiesrecht, of zelfs het algehele verbod op discriminatie, wat de Grondwet de verzekeraar van de burgerlijke vrijheden maakte.

Door het ontbreken van enig toetsingrecht, het Koninkrijk Der Nederlanden had als een der weinige naties in de wereld de vooruitziende blik dat de grondwet wel eens een repressief beleid in de weg kon staan en gebaseerd op die visie besloten dat het de rechter verboden was enige wetgeving, maatregel of ander decreet te toetsen aan de Grondwet, verviel de Grondwet langzaam van een vitale jonge dame, met veel in haar mars, tot een frêle oude dame wier kunstgebit zich ergens in de catacomben van Amsterdam bevindt.

In hoog tempo, een periode van minder dan tien jaren, werden veel rechten van burgers stelselmatig door wetgeving ingeperkt, of zelfs helemaal overboord gezet. Wij noemen het preventief fouilleren, wat de onschendbaarheid van het lichaam, in de grondwet vastgelegd, tot een holle frase maakte. De impliciete opheffing van het brief- telegraaf- en telefoongeheim is ook een fraai voorbeeld, de opheffing van de bescherming van de persoonlijke levenssfeer maakte het al bonter. Maar toch onder al deze aanvallen wist de stervende dame nog een gevecht te leveren omtrent de vrijheid van onderwijs, en zelfs de vrijheid van godsdienst. Dat laatste was in orde, als men maar in een god geloofde. Atheïsten werden al langer door de wet achtergesteld. Zelfs de aanval op het eerste artikel, ingezet door een politicus met een duidelijk paapse loyaliteit, in plaats van een loyaliteit aan Het Koninkrijk, een dubbele loyaliteit welke hij later meende te moeten bespeuren bij leden der Staten-Generaal, wist zij nog net te pareren. De mogelijkheid om iemand zonder rechterlijk bevel de totale bewegingsvrijheid te ontnemen had natuurlijk een fatale invloed. Het opheffen van de controlerende macht was toen nog maar kinderspel.

De Grondwet, overleden na een reeks van dodelijke steken, toegebracht door alle politici, zij is niet meer, leve de Grondwet.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *