Schrijven

Heden ontving uw trouwe kronikeur een brief. Voor de jongere internetkijkindertjes, een brief is een soort e-mail, maar dan op papier. Meestal geschreven met een tekstverwerker, maar soms ook met een pen. Voor dezelfde doelgroep, een pen is een tekstverwerker voor arme lieden, of juist hele rijke, waarmee men schrijffouten niet eenvoudig kan herstellen. Goed, ik ontving een brief.

Na mijn grote dank te hebben uitgesproken aan de bezorger van de brief, het gebeurt niet elke dag tenslotte dat ik een brief krijg, en gelet op de grote afstand tussen de beschaafde wereld en het huis waarin ik placht te verblijven, is het verstandig om de bezorger te vriend te houden, stel je voor dat hij straks vindt dat de dagelijkse rit naar de brievenbus niet leuk meer is, want die meneer wordt zo gewelddadig bij het ontvangen van zoiets simpels als een brief, spoedde ik mij huiswaarts om het geschrift op gepaste wijze van haar verpakking te ontdoen. Mocht u de draad zijn kwijtgeraakt, en dat is een heel relevante opmerking, vat ik de zin nog even voor u samen, zonder het tussencommentaar over de bezorger.

Na mijn grote dank te hebben uitgesproken aan de bezorger van de brief, spoedde ik mij huiswaarts om het geschrift op gepaste wijze van haar verpakking te ontdoen. Groot was mijn vreugde toen ik bemerkte dat het hier een ambachtelijk gemaakt schrijven betrof; de brief was met een vulpen, naar mijn ernstige vermoeden een Waterman, geschreven. Gelukkig is de schrijver een persoon met een klassieke opleiding, en is het handschrift goed te lezen. Ook het Nederlands is verzorgd en de kwaliteit van het papier deed al vermoeden dat het hier om een gewichtig individu gaat, met een belangrijke boodschap.

Het vermoeden werd gestaafd. Het papierschrijfkindje voert een academische titel, welke om onverklaarbare redenen is afgekort, dat doet het mooie handschrift ernstig tekort, en heeft een belangwekkende mededeling voor iemand. Helaas kan ik, gelet op de inhoud van het geschrevene, die iemand niet zijn. Laat ik wat citeren:

“Beste ****,

Mijn aandacht is door **** gevestigd op het bestaan van een electronische publicatie, door u ‘weblog’ genoemd, welke u verzorgt. **** heeft mij gevraagd u ervan te overtuigen dat u met uw electronische publicatie ernstige schade toebrengt aan ****.”

Hierna volgt een ingewikkeld, maar onjuist relaas over vermeende herkenning, schade en nog wat beschuldigingen aan mijn adres, gebaseerd op de vooronderstelling dat de bedoelde weblog inhoudelijk zou gaan over ****. Samen met wat andere, op zich creatieve, ogenschijnlijk aan de zieke geest van **** ontsproten gedachten, is het een vermakelijk schrijven. De eindconclusie is, volgens de welgeleerde persoon, dat de weblog onrechtmatig zou zijn, en als men het schrijven goed leest dat mijn hele bestaan onrechtmatig zou zijn. Nog een citaat:

“…overigens, en dat weet u heel wel, herkent ****, zich in het geheel niet in het door u gepubliceerde….”

Na het schrijven een aantal malen gelezen te hebben, kan ik slechts een conclusie trekken. DE klager is gek.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *