Zitten op de rol

In de Nederlandse rechtspraak kennen wij het fenomeen van de rolzitting. Hoewel deze uitdrukking bijna als vanzelf associaties geeft met toiletten en dergelijke, gaat het om een openbare, weinig privé zeg maar, gebeuren.
De rolzitting is zelfs zo belangrijk dat er een landelijk reglement voor is.
Vreemd genoeg bepaalt het reglement dat de rolzitting op woensdag wordt gehouden; vandaar dat alle kantongerechten die ik ken de rolzitting op donderdag houden.
Vandaag was er dus een rolzittingsdag, ook in Meppel. Leuk joh, allerlei volk dat problemen heeft met de huurbaas, de energieleverancier, het dagblad, of anderszins problemen heeft komt daar om de rechter uit te leggen dat het toch echt de schuld van de huurbaas, de energieleverancier, het dagblad, of wie dan ook is. Maar nooit of te nimmer de schuld van de gedaagde.
De kantonrechter, die zo een slordige vijftig tot honderd zaken op de rol heeft staan, vandaar de naam rolzitting, heeft natuurlijk ook niet alle tijd van de wereld, maar luistert rustig naar het verhaal wat de gedaagde, als die tenminste is komen opdraven, vertelt. Dat alles om dan vervolgens de gedaagde uit te leggen dat de gedaagde het verhaal op papier moet zetten, dan kan de eiser reageren. De rolzitting, zo legt een kantonrechter uit, is helemaal niet bedoeld om de partijen te horen, alleen om de gedaagde de kans te geven om zijn of haar verhaal schriftelijk onder de aandacht van de rechter te brengen.
Meestal mag de eiser dan op een volgende rol zitting nog een verhaal indienen en komt het daarna tot een echte zitting, waar de rechter allerlei moeilijke vragen gaat stellen.
Het leukste van de rolzitting is echter als de eiser, in de optimistische veronderstelling dat alles wel even geregeld wordt, komt opdagen en de gedaagde niet. De rechter, of de griffier, vertelt dan dat de gedaagde uitstel heeft gekregen. Vol woede komen deze particuliere eisers weer naar buiten, ‘is dat nou recht?’
Het antwoord is even simpel als verbluffend; ja.

Geef een reactie