‘s-Avonds tien voor zeven

Het zat er weer op voor vandaag. Zij kwam thuis, plofte haar tas -leeg maar een tas staat zo echt in de tram- op de bank. Haar vriend was er nog niet, dus kon zij nog snel even surfen voor hij thuis kwam. Het was al redelijk laat, bijna zeven uur, dus eigenlijk zou ze moeten koken, maar dit vond zij toch belangrijker.
Bij haar therapeut kwam zij langzaam tot de ontdekking dat alles eigenlijk de schuld van haar ouders was. Zij kon er echt niets aan doen.


Haar therapeut dacht er wel iets voorzichtiger over, immers was zij oud genoeg om haar eigen fouten te maken, maar in de grond van de zaak was het zo simpel. Natuurlijk was het de schuld van haar ouders. Nou ja, niet van haar vader. Dat was een in goede man, waar de wereld zich tegen keerde. Net als bij haar zelf eigenlijk, de wereld was tegen haar. Dan bleef haar moeder over. Ja, dan was zij de schuld van alles. En het allervervelendste was, zij kon nergens klagen. Bij haar broers en zussen lukte dat nog wel, maar die kenden al de verhalen al. En de virtuele vriendinnen, dat kon niet, want haar moeder kwam overal achter.

Daarom was het zo belangrijk dat zij af en toe controleerde of zij haar moeder op iets naars kon betrappen, dan had zij bewijs. Haar moppie begreep het niet echt. Al die drukte om niets eigenlijk. Zij had nu toch de persoonlijke spullen van haar moeder die zij wou. Zij had daarmee toch haar moeder geraakt. Toch wou zij meer. Dus moest het eigenlijk een beetje stiekum.

Wat had haar moppie ook al weer gezegd? ‘Je maakt er een soap van’. Eigenlijk wel toepasselijk, haar vader kwam uit het vak en haar broer werkte bij de omroep. Kon ze maar een scenario er van maken, hoefde ze ook niet meer de schijn op te houden met de tas in de tram.

Geef een reactie