Oma

Natuurlijk had het overlijden van haar grootmoeder haar in de war gebracht. Er was niemand die dat zou -kunnen- ontkennen. Wat het zo triest maakte, is dat zij zwolg in de aandacht die verdriet nu eenmaal met zich meebrengt. Het was voor haar niet te overzien dat die aandacht zou leiden tot zo een vergroot ego, dat zij de kinderen van haar grootmoeder niet meer in haar wereldbeeld vond passen.

Het was ook zo mooi. Als oma zou overlijden, zo had zij zich voorgenomen, zou zij alles regelen. Helemaal voorbijgaand aan haar oom en haar moeder, die toch ook hun opvattingen hadden over hoe alles nu geregeld moest worden. Eigenlijk was dat best irritant. Al die mensen die zich er zo nodig mee moesten bemoeien.

Het beste was natuurlijk dat zij iedereen die haar zo irriteerde zou negeren. Dat was echter een brug te ver. Negeren zou niet passen bij haar immense leed, en bovendien moest iedereen die haar durfde te trotseren op zijn plaats worden gezet. Het paste ook niet echt bij haar karakter. Die mensen, die kinderen van haar oma, die durfden zomaar te twijfelen aan haar oprechtheid. Die moesten natuurlijk duidelijk gemaakt worden dat alleen zij het allemaal zou regelen. Zij en niemand anders. Zeker haar oom en haar moeder niet.

Was het ook niet goed voor haar rouwverwerking, dat zij alles moest regelen? Waarom hielden die anderen dan geen rekening met haar gevoelens?
Immers, die kinderen van haar grootmoeder, die hadden toch geen respect voor haar grootmoeder. Zij wel. Zoveel zelfs dat zij meende dat alleen zij wist hoe alles geregeld moest worden. De uitvaart, de erfenis. Daarom had zij alle papieren van haar grootmoeder al vast meegenomen, dan kon zij zich goed voorbereiden. Het was wel een grote veranwoordelijkheid, maar de beloning die zij voor zichzelf in gedachten had was ook een grote.

En nu, tot haar grote ergernis, moesten haar moeder en haar oom zich ineens overal mee bemoeien. De crematie, daar hadden zij wensen over. Dat kon zij natuurlijk niet op zich laten zitten. Hoe durfden zij. Het was toch de crematie van haar oma, en die moest zij natuurlijk regelen. Zij was immers de enige die wist hoe haar oma het zou willen. Dat verdriet van haar oom en haar moeder was nep, dat wist zij zeker.

Als het zo door ging, zouden haar oom en haar moeder zich ook met de erfenis gaan bemoeien. Dat kon natuurlijk niet, dan zou er niets overblijven voor haar. Zij had zich immers zo goed over hoor oma ontfermd. Al dat gehuichel koste haar veel moeite, maar nu het dan eindelijk zo ver was, had zij natuurlijk recht op een rijkelijke beloning. Dat was lastig, want oma had geen testament. Nou ja, oma had wel een testament, maar daaruit bleek dat alleen de kinderen van oma iets zouden erven. Was zij niet gemachtigd op alle rekeningen, had zij oma niet zo ver gekregen dat zij ook rekeninghouder bij de giro was? Dan had zij toch overal recht op, en hadden haar oom en moeder toch nergens recht op?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *